ECLI:NL:CBB:2014:315
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen vernietiging kalveren wegens verboden stof Furazolidon
Verzoekster, een veehouderijbedrijf, werd geconfronteerd met een besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken om alle resterende kalveren op haar bedrijf te vernietigen vanwege de aanwezigheid van AOZ, een markermetaboliet van de verboden stof Furazolidon, in urinemonsters. Dit besluit volgde nadat meer dan de helft van de steekproefmonsters positief testte.
Verzoekster maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening om vernietiging te voorkomen, stellende dat het bewijs onvoldoende was, de steekproef niet representatief, en dat het gebruik van Furazolidon niet direct was aangetoond. Ook voerde zij aan dat het stellen van een bankgarantie onredelijk was en dat het vernietigen van de kalveren zou leiden tot faillissement.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de steekproef representatief was, de analyses betrouwbaar en dat AOZ als markermetaboliet voldoende bewijs leverde voor illegaal gebruik van Furazolidon. De wettelijke en Europese regelgeving verplichtte tot vernietiging van de dieren. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen ondanks de ingrijpende financiële gevolgen voor verzoekster.
De uitspraak bevestigt de strikte toepassing van de EU-richtlijnen en nationale regelgeving inzake verboden diergeneesmiddelen en onderstreept het belang van naleving van voedselveiligheidsnormen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot vernietiging van kalveren wegens aanwezigheid van Furazolidon wordt afgewezen.