ECLI:NL:CBB:2014:324
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen ACM-besluit over tariefverhogingen in wholesale sms-dienstverlening afgewezen
CM Telecom exploiteert een sms-platform en levert sms-diensten aan bedrijven. CM en KPN zijn partijen bij een Raamovereenkomst over wholesale sms-dienstverlening. Na een geschil over vergoedingen stelde ACM dat KPN een vergoeding aan CM moest betalen voor MO-sms-berichten. KPN verhoogde vervolgens eenzijdig de tarieven voor shortcodes en MT-berichten, wat CM aanvocht bij ACM.
ACM wees het verzoek van CM af omdat het geschil volgens ACM op basis van artikel 12.2, tweede lid, van de Telecommunicatiewet (Tw) moest worden beslecht en KPN niet in strijd had gehandeld met haar verplichtingen. CM voerde aan dat ACM ten onrechte het tweede lid toepaste en dat de tariefverhogingen in strijd waren met de interoperabiliteitsverplichting en eerdere besluiten.
Het College oordeelde dat tussen partijen een overeenkomst geldt waarin KPN gerechtigd is eenzijdig tarieven te verhogen en CM gerechtigd is de overeenkomst op te zeggen, wat niet is gebeurd. ACM mocht het geschil op grond van artikel 12.2, tweede lid, Tw beslechten. Het College stelde vast dat KPN niet onderworpen is aan tariefregulering voor deze diensten en dat de tariefverhogingen niet in strijd zijn met de Tw of de interoperabiliteitsverplichting.
Het beroep van CM werd daarom ongegrond verklaard. Het College wees ook op het ontbreken van procesbelang nu het eerdere besluit van 5 juni 2012 was vernietigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van CM Telecom tegen het ACM-besluit over tariefverhogingen door KPN is ongegrond verklaard.