Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
[naam 1], te Boskoop, (hierna: [naam 1]) en
die bij brief van 15 november 2012 door appellanten is ingediend tegen
[accountant AA](hierna: [accountant AA]).
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Appellanten hebben hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de accountantskamer waarin een klacht over onjuiste vermelding van een privéschuld door een accountant ongegrond werd verklaard.
De klacht betrof het verschil tussen een bedrag van € 1.419,24 genoemd in een incassobrief en € 3.542,58 genoemd in een e-mail van de accountant, waarbij appellanten stelden dat dit wijst op een onzorgvuldige administratie en het ontbreken van hoor en wederhoor.
De accountantskamer oordeelde dat het verschil verklaard kon worden door een vergeten post van € 2.123,34 die abusievelijk niet was meegenomen, en dat dit geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen opleverde.
In hoger beroep werden nieuwe grieven ingebracht die niet tot de oorspronkelijke klacht behoorden, waaronder het verstrekken van afwijkende factuurkopieën en het opeisen van mogelijk verjaarde vorderingen. Het College verklaarde deze aanvullingen niet toelaatbaar en wees erop dat burgerlijke geschillen over declaraties aan de burgerlijke rechter of Raad van Geschillen moeten worden voorgelegd.
Het College verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde daarmee de uitspraak van de accountantskamer.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de accountantskamer bevestigd.