ECLI:NL:CBB:2015:381
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- R.R. Winter
- S. Stuldreher
- J. Schukking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen boete wegens overtreding verantwoordingsplicht Meststoffenwet
Appellante, een loonbedrijf, kreeg een boete van €66.066 wegens overtreding van artikel 14 van Pro de Meststoffenwet (Msw) omdat zij 86 vrachten mest zou hebben vervoerd zonder vervoersbewijzen en zonder aan te tonen wie de afnemers waren. De staatssecretaris baseerde dit op een rapport van de Algemene Inspectiedienst (AID) dat stelde dat het geen bedrijfsintern transport betrof.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat zij als intermediaire onderneming de verantwoordingsplicht niet was nagekomen. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij geen intermediaire onderneming is, maar een loonbedrijf dat mest in opdracht vervoert en dat er sprake was van bedrijfsintern transport binnen een concern.
Het College van Beroep beoordeelde het bewijs, waaronder facturen, verklaringen en het AID-rapport, en concludeerde dat de motivering van de staatssecretaris onvoldoende overtuigend was om aan te nemen dat het geen bedrijfsintern transport betrof. Het College oordeelde dat appellante niet tekort was geschoten in haar verantwoordingsplicht en vernietigde het boetebesluit. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de boete wegens overtreding van de verantwoordingsplicht wordt herroepen.