Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
[naam] , voorheen registeraccountant, appellant,
Nederlandse beroepsorganisatie van accountants(Nba) ingediend tegen appellant,
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Appellant, een voormalig openbaar accountant, werd door de accountantskamer gesanctioneerd wegens het niet behalen van minimaal 20 PE-punten in 2013 bij erkende PE-instellingen en het niet reageren op een aanmaningsbrief van de NBA. De accountantskamer legde een waarschuwing en een geldboete van €1.000 op, waarbij rekening werd gehouden met de economische waardering van het verschil in studiekosten ten opzichte van collega-accountants.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij weliswaar geen PE-punten had behaald via erkende instellingen, maar wel via onderzoeks- en publicatieactiviteiten een bijdrage had geleverd aan het vakgebied. Het College oordeelde echter dat deze activiteiten niet gespecificeerd waren en niet konden worden aangemerkt als PE-activiteiten volgens de geldende regels.
Daarnaast faalde het betoog van appellant dat trainingen bij De Nederlandsche Bank als PE-punten hadden moeten meetellen, omdat hij erkende deze niet te hebben gevolgd. Het College bevestigde dat de opgelegde maatregelen passend en geboden zijn, mede gelet op het fundamentele beginsel van deskundigheid en zorgvuldigheid waaraan accountants moeten voldoen.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de sancties van waarschuwing en geldboete werden gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de accountant is ongegrond verklaard en de waarschuwing en geldboete van €1.000 zijn gehandhaafd.