ECLI:NL:CBB:2018:294
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing toewijzing betalingsrechten en uitbetaling basis- en vergroeningsbetaling 2015 wegens ontbrekende inschrijving handelsregister
Appellanten, erfgenamen van een overleden melkveehouder, hebben na het overlijden het bedrijf voortgezet en een aanvraag ingediend voor toewijzing van betalingsrechten en uitbetaling van basis- en vergroeningsbetaling 2015. Verweerder wees deze aanvragen af omdat appellanten niet uiterlijk 15 juni 2015 als landbouwer of landbouwbedrijf waren ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel, zoals vereist volgens de Uitvoeringsregeling en Verordening 1307/2013.
Appellanten betoogden dat de inschrijvingseis niet gold voor hen omdat landbouwactiviteiten een aanzienlijk deel van hun economische activiteiten uitmaakten en dat zij slechts tijdelijk het bedrijf voortzetten. Het College verwierp dit en verwees naar eerdere jurisprudentie waarin werd vastgesteld dat de inschrijvingseis geldt voor alle landbouwers die in aanmerking willen komen voor rechtstreekse betalingen.
Verder oordeelde het College dat er geen sprake was van zeer bijzondere omstandigheden die het ontbreken van de juiste inschrijving konden rechtvaardigen. Appellanten waren op de hoogte gesteld door de Kamer van Koophandel en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland van de onjuiste inschrijving, maar hebben geen actie ondernomen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de toewijzing van betalingsrechten en uitbetaling van de basis- en vergroeningsbetaling werd bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van toewijzing van betalingsrechten en uitbetaling van basis- en vergroeningsbetaling 2015 wordt bevestigd.