Appellante, een maatschap, stelde beroep in tegen een besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 24 oktober 2018. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven verklaarde bij uitspraak van 3 juli 2018 het beroep gegrond en vernietigde het besluit.
Tegen deze uitspraak deed appellante verzet. Na beoordeling van het verzet oordeelde het College dat de eerdere conclusie dat het beroep gegrond was, onjuist was. Daarom werd het verzet gegrond verklaard en verviel de uitspraak van 3 juli 2018.
Het College zal het beroep opnieuw behandelen en de minister in de gelegenheid stellen te reageren op de aanvullingen van appellante. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd voor het verzet.