ECLI:NL:CBB:2018:609
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Schadevergoedingsuitspraak
- H.L. van der Beek
- T. Pavićević
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Toewijzing betalingsrechten GLB en schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn
Appellante heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over de toewijzing van betalingsrechten en de uitbetaling van basis- en vergroeningsbetalingen voor de jaren 2015 en 2016. Verweerder heeft de bestreden besluiten deels herzien en de bezwaren van appellante gedeeltelijk gegrond verklaard. Het geschil betrof onder meer de vaststelling van subsidiabele landbouwgrond en de toepassing van een privaatrechtelijke overeenkomst.
Het College oordeelt dat verweerder terecht binnen een marge van 2% is uitgegaan van de vastgestelde oppervlakten van de percelen, en dat de oppervlakteproblematiek niet tot een andere beslissing leidt. De beroepen tegen de bestreden besluiten en wijzigingsbesluiten zijn daarom ongegrond.
Appellante vordert daarnaast een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn van behandeling van bezwaar- en beroepsprocedures. Het College constateert dat de termijn van twee jaar is overschreden zonder gegronde redenen en kent een immateriële schadevergoeding toe van in totaal €1.500,-, te betalen door verweerder en de minister van Justitie en Veiligheid ieder voor de helft. Tevens worden proceskosten toegekend aan appellante.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 13 november 2018 door het College van Beroep voor het bedrijfsleven, waarbij de beroepen ongegrond worden verklaard, schadevergoeding wordt toegekend en proceskosten worden toegewezen.
Uitkomst: Beroepen ongegrond verklaard, maar schadevergoeding en proceskosten toegekend wegens overschrijding redelijke termijn.