ECLI:NL:CBB:2019:187
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- E.R. Eggeraat
- H.O. Kerkmeester
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid toezichtkosten maritiem en amateur frequentieruimte
Appellant, gebruiker van maritieme frequentieruimte en radiozendamateur, betwistte de in rekening gebrachte kosten voor zijn PLB-vergunning en registraties Pleziervaart en Amateur. Hij stelde dat de brieven van 17 december 2015 wel besluiten waren en dat eerdere gratis registraties onrechtmatig werden ingetrokken.
De rechtbank oordeelde dat de brieven geen besluiten zijn en dat de facturen gebaseerd zijn op een wettelijke grondslag, namelijk artikel 16.1 van de Telecommunicatiewet en het Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet. Het College volgde dit oordeel en verwierp de stellingen van appellant over intrekking, schending van het rechtszekerheidsbeginsel, en onjuiste toepassing van de Regeling.
Verder werd geoordeeld dat de brief van 18 augustus 2016 geen besluit tot intrekking van de PLB-vergunning bevatte en dat de hoorplicht niet was geschonden. Het College concludeerde dat appellant geen gegronde bezwaren had en verklaarde het hoger beroep ongegrond, waarmee de uitspraken van de rechtbank werden bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraken van de rechtbank bevestigd.