ECLI:NL:CBB:2019:293
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging nihil vaststelling Investeringssubsidie duurzame energie wegens ontbreken stimulerend effect
Appellante heeft op 4 juli 2017 een subsidieaanvraag ingediend voor een warmtepomp, maar had de offerte voor levering en montage al op 30 juni 2017 getekend. Verweerder heeft de subsidie daarom vastgesteld op nihil, omdat volgens het toepasselijke Europese steunkader het stimulerend effect ontbreekt wanneer verplichtingen voorafgaand aan de aanvraag zijn aangegaan.
Appellante voerde aan dat de aanvraag pas op 4 juli kon worden ingediend vanwege problemen met e-herkenning, maar het College oordeelde dat dit risico voor haar was en dat de ondertekening van de offerte een juridisch bindende toezegging vormde vóór de aanvraagdatum.
Het College concludeerde dat verweerder terecht de subsidie op nihil heeft vastgesteld en dat dit niet in strijd is met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, met name het evenredigheidsbeginsel. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidie wordt vastgesteld op nihil wegens het ontbreken van het stimulerend effect.