ECLI:NL:CBB:2019:30
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Waarschuwing op basis van beleidsregels geen besluit in bestuursrechtelijke zin
In deze zaak heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan appellant een schriftelijke waarschuwing gegeven wegens overtreding van dierenwelzijnsregels tijdens het vervoer van kuikens. Appellant maakte bezwaar tegen deze waarschuwing, maar dit bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard omdat de waarschuwing geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) zou zijn.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft vastgesteld dat de waarschuwing voortkomt uit beleidsregels van de NVWA en geen rechtsgevolg heeft. De waarschuwing legt geen verplichtingen op, beperkt geen rechten en heeft geen bindende juridische gevolgen. Daarom kwalificeert de waarschuwing niet als een besluit waartegen bezwaar kan worden gemaakt.
Appellant stelde dat hij zich tegen de waarschuwing moet kunnen verweren en dat het ontbreken van bezwaarrecht in strijd is met artikel 6 EVRM Pro. Het College oordeelde echter dat de waarschuwing niet punitief is en geen sanctie inhoudt, maar een preventieve maatregel is gericht op naleving. Indien er bij een volgende overtreding een handhavingsbesluit wordt genomen, kan appellant zich daartegen wel verweren.
Het beroep van appellant is ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt dat waarschuwingen op basis van beleidsregels geen bestuursrechtelijke besluiten zijn en dus niet ontvankelijk zijn voor bezwaar en beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de waarschuwing is ongegrond verklaard omdat de waarschuwing geen besluit is en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard.