ECLI:NL:CBB:2019:533
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Beoordeling fosfaatrechtenstelsel en individuele last voor melkveehouder
Appellante betoogde dat het fosfaatrechtenstelsel een onaanvaardbare inbreuk maakt op haar eigendomsrecht en een individuele, buitensporige last vormt. Zij stelde dat de toekenning van fosfaatrechten haar bedrijfsvoering ernstig bedreigt, mede door latente stalruimte en financiële verplichtingen, en dat verweerder onvoldoende rekening hield met bijzondere omstandigheden zoals ziekte en stormschade.
Verweerder stelde dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij over de benodigde vergunningen beschikte en dat het rapport ter onderbouwing van haar standpunt onvoldoende bewijs leverde. Ook wees verweerder op de al bestaande financiële problemen vóór de invoering van het fosfaatrechtenstelsel.
Het College overwoog dat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat het fosfaatrechtenstelsel een buitensporige last oplevert. Zij had een zekere mate van voorzichtigheid moeten betrachten gezien de aangekondigde afschaffing van het melkquotum en de daarmee samenhangende beperkingen. Bovendien was een deel van de uitbreiding al voorzien van fosfaatrechten. Het beroep werd ongegrond verklaard, ondanks een motiveringsgebrek in het bestreden besluit, dat echter niet tot nadeel van appellante leidde.
Het College veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.