ECLI:NL:CBB:2019:562
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.M. van den Berk
- R.R. Winter
- D. Brugman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging randvoorwaardenkorting wegens niet-emissiearm aanwenden van mest
V.O.F. Aandijke heeft beroep ingesteld tegen twee besluiten van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin een randvoorwaardenkorting van 20% is opgelegd vanwege het niet-emissiearm aanwenden van dierlijke mest op een perceel in 2017. De korting is gebaseerd op de niet-naleving van artikel 5, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen.
De kern van het geschil betreft de toerekening van de fout van de door appellante ingeschakelde loonwerker aan appellante zelf. Het College volgt de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie, dat stelt dat een steunontvanger aansprakelijk kan zijn voor fouten van een derde indien sprake is van opzet of nalatigheid in de keuze, instructie of het toezicht op die derde. Appellante erkent geen instructies te hebben gegeven en geen toezicht te hebben gehouden.
Het College oordeelt dat appellante door het ontbreken van toezicht en instructies heeft aanvaard dat de niet-naleving zich zou voordoen, wat neerkomt op opzet. De opgelegde korting van 20% is conform de regelgeving en de omvang van de overtreding. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van V.O.F. Aandijke tegen de randvoorwaardenkorting van 20% wordt ongegrond verklaard.