ECLI:NL:CBB:2020:28
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Pavićević
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen oppervlaktevaststelling subsidiabele landbouwgrond op basis van luchtfoto's
Appellante heeft op 15 mei 2017 een gecombineerde opgave ingediend voor basis- en vergroeningsbetaling en extra betaling voor jonge landbouwers over 13 percelen met een totale oppervlakte van 51,45 hectare. Verweerder heeft bij het primaire besluit vastgesteld dat slechts 47,85 hectare subsidiabel is, waarbij perceel 81 werd opgesplitst in perceel 81 en 101 vanwege een sloot en delen van deze percelen werden afgekeurd als ruigte op basis van luchtfoto’s.
Appellante stelde dat het perceel geheel subsidiabele landbouwgrond is, onderbouwd met foto’s en de mededeling dat het waterpeil was verlaagd en het perceel als grasland wordt gebruikt. Verweerder vond een veldinspectie niet nodig omdat de luchtfoto’s duidelijk de grenzen en het onderscheid tussen landbouwgrond en ruigte lieten zien.
Het College oordeelde dat verweerder terecht heeft vastgesteld dat de afgekeurde delen ruigte zijn en niet subsidiabel. Appellante heeft niet aannemelijk gemaakt dat de grondwaterstand was gewijzigd of dat een controle ter plaatse noodzakelijk was. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de oppervlaktevaststelling van perceel 81 en 101 is ongegrond verklaard.