ECLI:NL:CBB:2020:302
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking taxivergunning Amsterdam
Verzoeker had een taxivergunning die op grond van de Taxiverordening Amsterdam 2012 voor twee weken werd geschorst wegens een overtreding. Tijdens deze schorsingsperiode bood verzoeker toch taxivervoer aan, wat leidde tot intrekking van de vergunning door het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam.
Verzoeker maakte bezwaar tegen de intrekking, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens vroeg verzoeker het College van Beroep voor het bedrijfsleven om een voorlopige voorziening, waarbij de intrekking geschorst zou worden tot de hoofdzaak is beslist.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek vooral gericht was op een snelle uitspraak over de rechtmatigheid van het TTO-stelsel en de Taxiverordening, terwijl dit niet het doel van de voorlopige voorziening is. Bovendien waren de argumenten reeds eerder verworpen in eerdere uitspraken. Omdat er geen spoedeisend belang was en het bezwaarprocedure nog liep, werd het verzoek afgewezen zonder zitting.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de taxivergunning is afgewezen.