ECLI:NL:CBB:2020:545
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op knelgevallenregeling bij vaststelling fosfaatrecht door onvoldoende onderbouwing alternatieve peildatum
Appellante exploiteert een melkveebedrijf en heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarbij het fosfaatrecht per 1 januari 2018 werd vastgesteld op basis van de dierenaantallen op 2 juli 2015. Appellante voerde aan dat vanwege gezondheidsproblemen van een vennoot vanaf 2005 het bedrijf minder melkkoeien hield dan op de peildatum, en dat daarom een alternatieve peildatum in 2004 gehanteerd moest worden.
In eerste instantie had appellante 1 januari 2011 opgegeven als ingangsdatum van de gezondheidsproblemen. Tijdens het beroep werd een eerdere datum in 2004 genoemd, maar zonder nadere specificatie of onderbouwing. Het College oordeelde dat appellante onvoldoende heeft aangetoond waarom juist 2004 als alternatieve peildatum moet gelden. De overgelegde medische verklaring en landbouwtellingsgegevens boden geen voldoende toelichting op de invloed van de gezondheidsproblemen op de bedrijfsvoering.
Het College bevestigde dat bij toepassing van de knelgevallenregeling een vergelijking moet worden gemaakt tussen de bedrijfssituatie bij het intreden van de buitengewone omstandigheid en de peildatum, waarbij het aan appellante is om de alternatieve peildatum te onderbouwen. Omdat dit niet is gebeurd, werd het beroep ongegrond verklaard. Tevens werd het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen omdat de beroepsgrond ter zake was ingetrokken.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende onderbouwing van een alternatieve peildatum in 2004.