ECLI:NL:CBB:2020:670
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op knelgevallenregeling en individuele buitensporige last fosfaatrechtenstelsel
Appellante exploiteert een melkveehouderij en kreeg op grond van de Meststoffenwet het fosfaatrecht vastgesteld op basis van de veestapel op 2 juli 2015. Na een uitbraak van botulisme in 2013 verloor zij dieren en stelde zij de bouw van een nieuwe ligboxenstal uit. Zij deed een melding buitengewone omstandigheden en verzocht om toepassing van de knelgevallenregeling, die een correctie van het fosfaatrecht mogelijk maakt bij diergezondheidsproblemen.
Verweerder wees de melding af omdat voorafgaand aan de peildatum geen hogere dierenaantallen waren gehouden dan op de peildatum zelf, waardoor de 5%-drempel niet werd gehaald. Het College oordeelde dat verweerder de knelgevallenregeling correct toepaste en dat niet gerealiseerde uitbreidingen niet in aanmerking worden genomen.
Daarnaast stelde appellante dat het fosfaatrechtenstelsel een individuele en buitensporige last oplevert en dat het stelsel in strijd is met de Nitraatrichtlijn en het Eerste Protocol bij het EVRM. Het College verwierp deze gronden, overwegende dat ondernemersrisico's inherent zijn aan investeringsbeslissingen en dat de uitbreiding van het bedrijf niet navolgbaar was gezien de tijdstippen en de waarschuwingen over fosfaatrechten.
Het belang van milieubescherming en naleving van de Nitraatrichtlijn weegt zwaarder dan de belangen van appellante. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het bestreden besluit wordt ongegrond verklaard en afgewezen.