ECLI:NL:CBB:2021:114
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen fosfaatrechtenstelsel wegens ontbreken individuele en buitensporige last
Appellant, die een tijdelijk beroepsverbod als veehouder had gekregen, wilde zijn melkveehouderij herstarten en had daartoe een Natuurbeschermingswet-vergunning aangevraagd. Op de peildatum 2 juli 2015 hield hij echter geen melkvee, waardoor hij geen fosfaatrechten toegekend kreeg. Verweerder wees het bezwaar af omdat geen sprake was van een individuele en buitensporige last.
Appellant stelde dat het fosfaatrechtenstelsel het ongestoord genot van zijn eigendom aantast en dat hij door het stelsel en het eerdere beroepsverbod feitelijk dubbel werd gestraft. Het College oordeelde dat de last voor appellant vooral voortkomt uit zijn eigen keuzes en omstandigheden, zoals het late verkrijgen van vergunningen en het uitblijven van krediet van de bank.
Het College concludeerde dat het fosfaatrechtenstelsel niet in strijd is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM en dat de belangen van milieu en volksgezondheid zwaarder wegen dan de belangen van appellant. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het fosfaatrechtenbesluit wordt ongegrond verklaard.