ECLI:NL:CBB:2021:116
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen fosfaatrechtenstelsel op grond van Meststoffenwet
Appellante exploiteert een melkveebedrijf en betwist het door de minister vastgestelde fosfaatrecht, stellende dat het fosfaatrechtenstelsel onvoldoende grondslag biedt en dat sprake is van ongeoorloofde staatssteun en een individuele buitensporige last. Het College heeft het beroep beoordeeld en geoordeeld dat het stelsel voldoet aan de Nitraatrichtlijn en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, en dat er geen sprake is van ongeoorloofde staatssteun.
Hoewel appellante diverse facturen, een schadeberekening en een onderzoeksrapport heeft overgelegd, ontbrak een toelichting op de noodzaak van de forse uitbreiding van de melkveestapel en de investeringen. Het College vond de motivering van de minister voldoende en stelde vast dat appellante onvoldoende heeft onderbouwd waarom het besluit ontoereikend zou zijn.
Het beroep is daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 2 februari 2021.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het fosfaatrechtenbesluit wordt ongegrond verklaard.