ECLI:NL:CBB:2021:279
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling Regeling fosfaatreductieplan 2017 en individuele last melkveehouder
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft op 16 maart 2021 uitspraak gedaan in zaaknummer 19/1605 betreffende de Regeling fosfaatreductieplan 2017. Appellante, een melkveehouder, was het niet eens met opgelegde heffingen wegens overschrijding van het referentieaantal melkvee en stelde dat de Regeling in strijd was met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM en dat zij een individuele en buitensporige last droeg.
De Regeling heeft tot doel de fosfaatproductie te beperken om de derogatie te behouden en legt heffingen op aan melkveehouders die meer runderen houden dan het referentieaantal vastgesteld op de peildatum 2 juli 2015. Appellante had vanaf 2012 geïnvesteerd in uitbreiding van haar bedrijf met een milieuvriendelijke stal en stelde dat de maatregelen haar financieel zwaar troffen en dat de Regeling niet voorzienbaar was.
Het College oordeelde dat de Regeling niet in strijd is met artikel 1 van Pro het EP en dat de individuele last niet buitensporig is. De investeringsbeslissingen van appellante worden gezien als ondernemersrisico’s die zij zelf draagt. Het MDV-certificaat en de duurzame stalbouw zijn los te zien van de Regeling. Het door appellante overgelegde rapport toont geen gevaar voor continuïteit van het bedrijf. Ook het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel is niet geschonden.
Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de heffingen op grond van de Regeling fosfaatreductieplan 2017 wordt ongegrond verklaard.