ECLI:NL:CBB:2021:390
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling subsidiabiliteit natuurlijk grasland en toewijzing betalingsrechten GLB
Appellante verzocht om toewijzing van betalingsrechten uit de Nationale reserve en uitbetaling van basis-, vergroenings- en extra betalingen voor jonge landbouwers over 2018. Verweerder wees deze toe, maar keurde de subsidiabele oppervlakte van perceel 62 volledig af en van perceel 91 gedeeltelijk vanwege verruiging en aanwezigheid van niet-subsidiabel areaal.
In beroep stelde appellante dat perceel 62 natuurlijk grasland betreft met overwegend grassen en dat de beoordeling niet uitsluitend op luchtfoto’s mocht berusten. Het College oordeelde dat verweerder terecht geen veldinspectie hoefde uit te voeren, omdat de luchtfoto’s betrouwbare meetgegevens gaven. De zichtbare verruiging op perceel 62 en afwijkende structuur op perceel 91 maakten de afkeuring terecht.
Appellante betwistte de administratieve sanctie, maar het College handhaafde deze vanwege het verschil van meer dan 2 hectare tussen opgegeven en geconstateerde areaal. Verzoeken om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werden afgewezen omdat de termijn nog niet was overschreden.
Het College verklaarde de beroepen ongegrond en wees de verzoeken om schadevergoeding af.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard en de afkeuring van percelen 62 en 91 voor GLB-betalingsrechten en uitbetalingen wordt bevestigd.