ECLI:NL:CBB:2021:445
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens te hoge spuitdop en gebruik niet-toegelaten gewasbeschermingsmiddel
Appellante, een akkerbouwbedrijf, kreeg een boete opgelegd wegens twee overtredingen: het gebruik van veldspuitapparatuur met spuitdoppen hoger dan de toegestane 50 cm boven het gewas en het gebruik van het Duitse gewasbeschermingsmiddel Valbon, dat niet in Nederland is toegelaten.
De toezichthouder stelde op 11 augustus 2017 vast dat de spuitbomen ongeveer 100 cm boven het gewas hingen en zag zakken met Duitse tekst van Valbon op de veldspuit. Appellante betwistte de juistheid van het toezichtrapport en het gebruik van Valbon, maar het College oordeelde dat het rapport betrouwbaar was en dat het gebruik van het Duitse Valbon niet is toegestaan, ook al zou de samenstelling overeenkomen met het Nederlandse middel.
Verder stelde het College vast dat het recht op hoor en wederhoor niet was geschonden, ondanks het ontbreken van cautie aan de werknemer en het niet opnemen van contact met de advocaat van appellante. Ook werd het bezwaar tegen de afwezigheid van de gemachtigde bij de zitting ongegrond verklaard omdat appellante zich zonder verzoek om verdaging had afgemeld.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Rotterdam bevestigd.
Uitkomst: Het College bevestigt de boete aan appellante wegens overtredingen van de spuitdophoogte en het gebruik van het niet-toegelaten Duitse middel Valbon.