ECLI:NL:CBB:2021:5
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vaststelling fosfaatrecht en toepassing fosfaatrechtenstelsel
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin het fosfaatrecht voor haar bedrijf is vastgesteld en later gecorrigeerd. Zij voerde aan dat de melkproductie hoger was dan door verweerder vastgesteld, mede door dierziekten en wachttijden, en betwistte de rechtmatigheid van het fosfaatrechtenstelsel onder de Nitraatrichtlijn en staatssteunregels.
Het College heeft vastgesteld dat verweerder grotendeels aan de verzoeken van appellante tot correctie van de melkproductie heeft voldaan, behalve voor een door appellante niet nader toegelichte hoeveelheid melkderving. Het College oordeelde dat de melkproductie wordt vastgesteld op basis van daadwerkelijk geproduceerde melk en niet op hypothetische hoeveelheden.
Verder bevestigde het College dat het fosfaatrechtenstelsel niet in strijd is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM, de Nitraatrichtlijn of staatssteunregels, verwijzend naar eerdere uitspraken en goedkeuring door de Europese Commissie. De motivering van het bestreden besluit werd als toereikend beoordeeld.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de vaststelling van het fosfaatrecht is ongegrond verklaard.