ECLI:NL:CBB:2021:655
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens ontbreken causaal verband bij fosfaatrecht en toekenning schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Appellant, een melkveehouder, voerde beroep aan tegen het besluit van de minister van Landbouw waarbij zijn melding bijzondere omstandigheden met betrekking tot het fosfaatrecht werd afgewezen. Hij stelde dat de aanleg van een ecologische verbindingszone leidde tot een noodzakelijke verkleining van zijn veestapel, wat een verhoging van het fosfaatrecht rechtvaardigde op grond van artikel 72a van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet.
Het College oordeelde dat appellant het causaal verband tussen de aanleg van de ecologische verbindingszone en de verkleining van zijn veestapel niet aannemelijk had gemaakt. Hoewel appellant dieren had afgevoerd in de periode voorafgaand aan de peildatum, was onduidelijk of dit verband hield met de ecologische verbindingszone of andere redenen, zoals gezondheid van dieren. Bovendien had appellant het verlies van grond deels kunnen compenseren door aankoop van andere percelen.
Daarnaast stelde het College vast dat de redelijke termijn voor behandeling van bezwaar en beroep was overschreden met ruim 11 maanden. Op grond van artikel 6 EVRM Pro werd appellant een schadevergoeding van €1.000,- toegekend, waarvan een deel voor rekening van verweerder kwam en een deel voor de Staat. Ook werden proceskosten toegewezen.
Het beroep werd ongegrond verklaard, maar het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard, maar appellant krijgt een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn toegekend.