ECLI:NL:CBB:2022:437
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag afbouwregeling beschikbaarheidbijdrage acute verloskunde ziekenhuis
Appellante, een ziekenhuis met een afdeling acute verloskunde, ontving van verweerster, de Nederlandse Zorgautoriteit, gedurende 2017-2019 een beschikbaarheidbijdrage. Deze bijdrage werd toegekend vanwege de sluiting van een andere afdeling acute verloskunde in de regio, waardoor appellante als 'gevoelig' werd aangemerkt voor de 45 minuten-norm. Na heropening van de andere afdeling in 2018 werd appellante niet langer als gevoelig beschouwd en stopte de bijdrage per 2020.
Appellante vroeg om een afbouwregeling voor deze subsidie, maar verweerster wees dit af omdat niet was gebleken dat appellante activiteiten of verplichtingen had afgebouwd. Het College bevestigt dit oordeel, stellende dat appellante al voor de toekenning van de subsidie acute verloskunde verleende en geen extra opschaling of afschaling van personeel of investeringen hoefde te doen. Ook was er geen bewijs van plannen om de afdeling te sluiten vóór 2017.
Verder oordeelt het College dat verweerster geen redelijke termijn hoefde te hanteren bij het beëindigen van de subsidie, omdat er geen verplichtingen waren die afgewikkeld moesten worden. Appellante had al in augustus 2019 kennis van het wegvallen van de bijdrage, wat voldoende tijd bood voor contractonderhandelingen met zorgverzekeraars. Het beroep wordt ongegrond verklaard en een kostenvergoeding wordt niet toegekend.
Uitkomst: Het beroep van het ziekenhuis tegen de afwijzing van de afbouwregeling beschikbaarheidbijdrage acute verloskunde wordt ongegrond verklaard.