ECLI:NL:CBB:2022:767
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek thuisquarantaine hond na terugkeer uit Suriname vanwege rabiësrisico
Verzoekster heeft gevraagd om een voorlopige voorziening die haar in staat zou stellen haar hond tijdens de quarantaineperiode thuis te houden na terugkeer uit Suriname, vanwege het risico op insleep van rabiës. De hond is gevaccineerd, maar de titerbepaling voldeed niet aan de vereiste norm, waardoor het dier onder officiële quarantaine moest worden geplaatst.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de quarantaine op een externe locatie niet onevenredig is, mede omdat verzoekster niet over de noodzakelijke voorzieningen beschikt om een effectieve thuisquarantaine te waarborgen. De situatie is niet vergelijkbaar met die van Oekraïense vluchtelingen, waarvoor een tijdelijke uitzondering geldt.
Het verzoek wordt afgewezen en de hond blijft onder toezicht op de aangewezen locatie. De minister zal de duur van de quarantaine nader beoordelen aan de hand van een nieuwe titerbepaling en hierover contact opnemen met verzoekster. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om thuisquarantaine wordt afgewezen en de hond blijft in quarantaine op de aangewezen locatie.