ECLI:NL:CBB:2023:224

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Datum uitspraak
2 mei 2023
Publicatiedatum
1 mei 2023
Zaaknummer
22/1319
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 6:9 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet ongegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens overschrijding termijn

De onderneming Point of View Media stelde beroep in tegen een beslissing van de minister van Economische Zaken en Klimaat. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het beroepschrift te laat was ontvangen, namelijk na het verstrijken van de beroepstermijn.

De onderneming deed verzet tegen deze uitspraak en voerde aan dat het beroepschrift tijdig was gepost op 21 juni 2022, binnen de beroepstermijn, en dat de vertraging in de postbezorging niet haar risico was. Het College beoordeelde dit verweer en concludeerde dat de onderneming niet aannemelijk had gemaakt dat het beroepschrift daadwerkelijk binnen de termijn was verzonden.

Het College vond het onwaarschijnlijk dat een poststuk pas negen dagen na verzending werd gestempeld en dat de enveloppe geen kenmerken vertoonde van een bijzondere postbehandeling. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard, waardoor het beroep niet inhoudelijk werd behandeld en de procedure werd afgesloten.

De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door mr. T.G.M. Simons namens het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 2 mei 2023.

Uitkomst: Het verzet van de onderneming is ongegrond verklaard, waardoor het beroep niet-ontvankelijk blijft.

Uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 22/1319

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 mei 2023 op het verzet van

Point of View Media, te Hilversum (de onderneming)

Procesverloop

De onderneming heeft beroep ingesteld tegen de beslissing op bezwaar van de minister van Economische Zaken en Klimaat van 17 mei 2022.
Bij uitspraak van 4 oktober 2022 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van 4 oktober 2002 heeft de onderneming verzet gedaan.

Overwegingen

1. In de uitspraak van 4 oktober 2022 heeft het College het beroep van de onderneming niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.
2. Vaststaat dat de laatste dag van de beroepstermijn 28 juni 2022 was en dat het beroepschrift, gedateerd 21 juni 2022, op 1 juli 2022 bij het College is ontvangen in een enveloppe met het poststempel 30 juni 2022.
3. De onderneming heeft in verzet opnieuw aangevoerd dat haar beroepschrift op 21 juni 2022 in een brievenbus van PostNL is gedeponeerd en dat het niet voor haar risico komt dat PostNL het poststuk zo laat heeft bezorgd.
4. In artikel 6:9, tweede lid, van de Awb staat dat bij verzending per post een beroepschrift tijdig is ingediend als het binnen de beroepstermijn per post is bezorgd en niet later dan een week na afloop van de beroepstermijn is ontvangen. Aan dat laatste vereiste is in dit geval voldaan. Maar aan het eerste niet. De onderneming heeft namelijk, ook in verzet, niet aannemelijk gemaakt dat het beroepschrift op
21 juni 2022 (dat is: binnen de beroepstermijn) ter post is bezorgd. Het College betrekt bij dit oordeel dat het onwaarschijnlijk is dat een poststuk pas negen dagen na de terpostbezorging wordt gestempeld en ook dat de enveloppe geen kenmerken vertoont van een niet-reguliere behandeling door PostNL. Het verzet is daarom ongegrond. Dat betekent dat het beroep van de onderneming niet inhoudelijk wordt behandeld en de zaak met deze uitspraak is geëindigd.
5. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

Het College verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T.G.M. Simons, in aanwezigheid van D.A. Bohlmeijer, griffier
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 2 mei 2023.
w.g. T.G.M. Simons w.g. D.A. Bohlmeijer