Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 juni 2023 op het verzet van
[naam] , te [plaats] (betrokkene)
Procesverloop
Overwegingen
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 6 juni 2023.
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Betrokkene had bezwaar gemaakt tegen een besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 16 juli 2021, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het te laat was ingediend. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigde deze niet-ontvankelijkverklaring in een eerdere uitspraak van 23 augustus 2022.
Betrokkene deed vervolgens verzet tegen deze uitspraak en voerde aan dat de beroepstermijn pas op de datum van ontvangst van het besluit was aangevangen, waardoor zijn bezwaar tijdig zou zijn ingediend. Tevens stelde hij dat een medische complicatie bij zijn raadsman hem verhinderde tijdig te worden geadviseerd.
Het College verwierp deze argumenten. Het oordeelde dat de beroepstermijn volgens artikel 6:8 van Pro de Algemene wet bestuursrecht aanvangt op de datum van bekendmaking van het besluit en dat het bezwaarschrift bovendien gedateerd was na afloop van de termijn. De medische complicatie van de raadsman was onvoldoende om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzet is ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift blijft gehandhaafd.