ECLI:NL:CBB:2023:678
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking subsidie vaste lasten financiering COVID-19 wegens onjuiste omzetgegevens
De minister van Economische Zaken en Klimaat heeft een subsidie voor het eerste kwartaal van 2021 ingetrokken omdat de onderneming onjuiste omzetgegevens had verstrekt bij de aanvraag. De omzetgegevens van de Belastingdienst toonden aan dat de onderneming in Q1 2019 geen omzet had, terwijl de onderneming de gehele jaaromzet van 2019 had opgegeven.
De onderneming betoogde dat zij gerechtvaardigde verwachtingen had op basis van een schriftelijke goedkeuring van haar toelichting op de omzet en dat de intrekking daarom onrechtmatig was. Het College oordeelde dat de minister bevoegd was de subsidie in te trekken omdat de verstrekte gegevens onjuist waren en het algemeen belang zwaarder woog dan de gerechtvaardigde verwachtingen van de onderneming.
Verder stelde de onderneming dat het besluit in strijd was met het zorgvuldigheidsbeginsel, maar het College vond dat de minister de subsidieaanvraag en intrekking zorgvuldig had behandeld. De terugvordering van het betaalde voorschot werd eveneens bevestigd. Het College constateerde een onvoldoende motivering in het bestreden besluit maar passeerde dit gebrek omdat het niet tot benadeling van de onderneming had geleid.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de minister werd opgedragen het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming tegen de intrekking van de subsidie wordt ongegrond verklaard en het betaalde griffierecht wordt vergoed.