Uitspraak
Mr. G. Snijders
1.Inleiding
Het onderwerp van deze conclusie
2.Feiten en procesverloop
Feiten
perceel vergunde manege te realiseren en een manegebedrijf te gaan runnen”. Hij vraagt of de bouwvergunning “
nog intact is en wat de mogelijkheden zijn omtrent het hebben van een manegebedrijf”. De fundering voor de rijhal was toen al gerealiseerd. Op 21 september 2017 heeft de zoon van [appellant] van een medewerker van de gemeente per e-mail antwoord gekregen. In dit bericht is de zoon van [appellant] het volgende meegedeeld:
3.De door de voorzitter gestelde vraag
4.Wordt aan deze vraag in deze zaak toegekomen?
5.De gestelde vraag; eerste beschouwing
6.Het vertrouwensbeginsel in het privaatrecht/bij de burgerlijke rechter
De toezegging in het privaatrecht
positievebelang bij de toezegging te vergoeden. Het in voetnoot 26 weergegeven Toezegging aanleg brug-arrest uit 2021 – waarin de gedane toezegging uitsluitend wordt getoetst aan art. 6:2 lid 2 BW Pro – valt dan ook niet te begrijpen als het overnemen van (de derde stap van) het stappenplan van de Amsterdamse dakopbouw-uitspraak. [27]
positievebelang. De positie van degene die een vordering uit onrechtmatige daad instelt, is minder sterk. Kan voor het niet-honoreren van de gewekte gerechtvaardigde verwachting een rechtvaardiging worden ontleend aan wet, het algemeen belang of de belangen van derden waardoor dat niet-honoreren rechtmatig is, dan bestaat geen aanspraak op vergoeding van het positieve belang. In dat geval resteert slechts een eventuele vordering wegens de onrechtmatigheid van het doen van de toezegging en tot vergoeding van het
negatievebelang op grond daarvan. Óf in dat geval sprake is van een onrechtmatige daad wegens het doen van de toezegging, hangt af van de omstandigheden van het geval. Soms is het wekken van verwachtingen die niet kunnen worden gehonoreerd, niet onzorgvuldig en dus niet onrechtmatig. Denk aan gevallen van gewijzigde inzichten en nieuwe feiten.
7.Het vertrouwensbeginsel in het belastingrecht
Bijzondere aard belastingrecht; onder meer ‘contra legem’ toepassing vertrouwensbeginsel
8.Het vertrouwensbeginsel in de rest van het bestuursrecht
‘Toezeggingen’ en informatie
9.Grondslag voor schadevergoeding bij de derde stap
Mogelijke grondslagen
onevenredigzwaar’ wordt getroffen, waarmee wordt gerefereerd aan de wijze waarop égalitéschade op grond van het evenredigheidsbeginsel voor vergoeding vatbaar werd geoordeeld (‘het gaat om onevenredige schade’).