ECLI:NL:CBB:2023:716
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag warmtepomp wegens ontbreken stimulerend effect bij zakelijke verhuurwoning
Appellant heeft subsidie aangevraagd voor de aanschaf van een warmtepomp in een woning die hij verhuurt aan zijn vader. De minister wees de aanvraag af omdat de warmtepomp al was aangeschaft voordat de subsidieaanvraag werd ingediend, waardoor niet voldaan werd aan de voorwaarde van een stimulerend effect.
Appellant betoogde dat hij geen ondernemer is maar particulier, dat de eis van voorafgaande aanvraag onredelijk en willekeurig is, en dat de warmtepomp juist vanwege de subsidiemogelijkheid is aangeschaft. Het College oordeelt echter dat de regeling onderscheid maakt tussen eigenaar-bewoners en zakelijke aanvragers, waarbij voor zakelijke aanvragers het stimulerend effect vereist is.
Omdat appellant de warmtepomp al had aangeschaft vóór de aanvraag, ontbreekt het stimulerend effect en is de minister verplicht de aanvraag af te wijzen. Het College acht het besluit niet onredelijk en wijst het beroep af. Er is geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidieaanvraag wordt afgewezen wegens ontbreken van het stimulerend effect.