ECLI:NL:CBB:2024:219
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. van den Heuvel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing te late aanvragen TVL-subsidie conform regeling vaste lasten COVID-19
De minister van Economische Zaken en Klimaat wees vijf aanvragen van een onderneming voor TVL-subsidie af omdat deze te laat waren ingediend. De onderneming voerde aan dat dit niet haar schuld was, mede vanwege eerdere beslissingen over een subsidieaanvraag voor Q1 2021 en technische problemen.
Het College oordeelde dat tijdige indiening een dwingende voorwaarde is volgens de TVL-regeling en dat noch de Algemene wet bestuursrecht noch de Kaderwet EZK- en LNV-subsidies ruimte bieden om hiervan af te wijken. De onderneming had niet aannemelijk gemaakt dat tijdige indiening onmogelijk was of dat zij contact had gezocht met de minister over problemen bij de latere aanvragen.
Hoewel de minister het besluit over Q1 2021 heeft herzien en alsnog subsidie verleend, leidt dit niet tot het rechtvaardigen van latere te late aanvragen. De systematiek van de TVL vereist dat voor elk kwartaal tijdig een aanvraag wordt ingediend en dat problemen tijdig gemeld worden. De onderneming had bovendien berust in eerdere besluiten en koos ervoor niet verder te procederen, waardoor de gevolgen voor haar rekening komen.
Het College concludeert dat de afwijzing niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel en verklaart de beroepen ongegrond. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van te late TVL-subsidieaanvragen zijn ongegrond verklaard.