ECLI:NL:CBB:2024:282
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens niet voldoen aan omzetverliesvereiste TVL-subsidie
De onderneming heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de minister van Economische Zaken en Klimaat om de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) subsidie voor het tweede kwartaal van 2021 op nihil vast te stellen. De onderneming stelde dat de minister bij de vaststelling van de subsidie had moeten uitgaan van een andere referentieperiode, namelijk december 2019 tot en met februari 2020, waardoor het omzetverlies meer dan 30% zou zijn geweest.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelt echter dat de TVL-regeling voor het tweede kwartaal van 2021 slechts de keuze biedt tussen het vierde kwartaal van 2019 en het derde kwartaal van 2020 als referentieperiodes. De omstandigheden die de onderneming aanvoert, zoals het feit dat zij pas in de loop van het vierde kwartaal van 2019 is gestart en dat de bereikbaarheid in het derde kwartaal van 2020 beperkt was door wegwerkzaamheden, zijn geen gronden voor een uitzondering op deze referentieperiodes.
Het College stelt vast dat het niet voldoen aan het omzetverliesvereiste van 30% door het vasthouden aan de referentieperiodes niet leidt tot een onevenredige toepassing van de regeling. De minister heeft de subsidie daarom terecht op nihil vastgesteld en het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de TVL-subsidie voor Q2 2021 wordt op nihil vastgesteld.