Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 april 2024 in de zaak tussen
melkveehouderij [naam 1] , te [woonplaats 1] (de melkveehouderij)
de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (de minister)
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het intrekkingsbesluit;
- draagt de minister op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van de aanwijzingen in deze uitspraak;
- draagt de minister op het betaalde griffierecht van € 365,- aan de melkveehouderij te vergoeden;
Bijlage
Het is verboden in enig kalenderjaar op een bedrijf meststoffen op of in de bodem te brengen.
a. op dierlijke meststoffen afkomstig van graasdieren;
b. indien wordt voldaan aan elk van de voorwaarden, bedoeld in de artikelen 25, 25c, 27 en 27a; en
a. direct aansluitend en uiterlijk op 1 oktober van het desbetreffende jaar een bij ministeriële regeling aangewezen gewas geteeld, of
b. uiterlijk op 31 oktober een bij ministeriële regeling aangewezen gewas geteeld als hoofdteelt voor het volgende jaar.