ECLI:NL:CBB:2024:358
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
College van Beroep bevestigt afwijzing subsidie vaste lasten wegens onvoldoende omzetverlies
De vereniging C.V.V. [naam 1] stelde beroep in tegen de beslissing van de minister van Economische Zaken en Klimaat over de subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het vierde kwartaal van 2021. De vereniging betoogde dat de minister ten onrechte de opbrengsten uit contributiegelden, sponsorgelden en verhuur van terreinen had meegenomen bij de berekening van het omzetverlies, omdat deze bedragen vooruit gefactureerd zouden zijn en niet uitsluitend betrekking hadden op het betreffende kwartaal.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelde echter dat de minister terecht was uitgegaan van de administratie van de vereniging waarin deze opbrengsten waren opgenomen. De minister had op basis daarvan geconcludeerd dat het omzetverlies niet ten minste 20% bedroeg, waardoor de subsidie terecht op nihil was vastgesteld.
Daarnaast wees het College erop dat zelfs bij een alternatieve berekening waarbij de opbrengsten over meerdere kwartalen zouden worden verdeeld, het omzetverlies nog steeds niet aan de 20%-grens zou voldoen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de beslissing van de minister bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van de vereniging is ongegrond verklaard en de subsidie vaste lasten voor Q4 2021 is terecht op nihil vastgesteld.