ECLI:NL:CBB:2025:224

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Datum uitspraak
17 maart 2025
Publicatiedatum
2 april 2025
Zaaknummer
23/482
Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar subsidie vaste lasten COVID-19 ongegrond verklaard

Een onderneming heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van de minister van Economische Zaken waarin het bezwaar niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft het beroep eerder ongegrond verklaard op grond van artikel 8:54 Awb Pro.

De onderneming stelde in verzet dat de minister op basis van een gecorrigeerde btw-aangifte tot een inhoudelijke beslissing had kunnen komen en de subsidie ambtshalve had kunnen corrigeren. Echter erkende zij dat het bezwaarschrift te laat was ingediend.

Het College oordeelde dat de onderneming geen nieuwe gronden aanvoerde die het eerdere oordeel konden wijzigen. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en werd de minister niet verplicht proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: Het College verklaart het verzet ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift.

Uitspraak

proces-verbaal uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 23/482
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 maart 2025 op het verzet van
[naam], te [woonplaats] (onderneming), waarvoor aanwezig is mr. drs. ing. F.H.R. Levels
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. A.A. Dijk

Beslissing

Het College verklaart het verzet ongegrond.

Overwegingen

De onderneming heeft beroep ingesteld tegen het besluit op bezwaar van de minister van Economische Zaken van 22 december 2022. In dat besluit heeft de minister het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift te laat was ingediend. Het College heeft het beroep met de uitspraak van 24 december 2024 met toepassing van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder zitting, ongegrond verklaard.
In verzet stelt de onderneming opnieuw dat de minister op basis van de gecorrigeerde btw-aangifte tot een inhoudelijke beslissing had kunnen komen en de subsidie ambtshalve had kunnen corrigeren. De onderneming betwist niet dat zij haar bezwaarschrift te laat heeft ingediend. De onderneming heeft in verzet niets aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat de uitspraak van 24 december 2024 niet juist is. Het verzet is daarom ongegrond. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. A.A. Dijk