ECLI:NL:CBB:2025:257
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar subsidie vaste lasten COVID-19 ongegrond verklaard
De onderneming heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van het College van 10 september 2024, waarin haar beroep tegen het besluit van de minister van Economische Zaken van 12 december 2022 ongegrond werd verklaard. Dit besluit handhaafde de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen het subsidiebesluit van 17 maart 2022 wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De onderneming voerde aan dat haar mentale toestand en bijzondere omstandigheden, waaronder schuldenstress, niet voldoende waren meegewogen bij de beoordeling van de termijnoverschrijding. Ook stelde zij dat voor vergelijkbare ondernemingen in soortgelijke omstandigheden wel passende maatregelen waren genomen.
Het College oordeelde dat de gevolgen van de Corona-maatregelen weliswaar impact hadden, maar niet zodanig dat de onderneming niet tijdig bezwaar kon maken. De onderneming kon op 8 maart 2022 nog omzetgegevens aanleveren en diende pas ruim vier maanden na de termijn bezwaar in. De belangen van het materiële geschil spelen geen rol bij de beoordeling van verschoonbaarheid.
Het College concludeerde dat er geen omstandigheden zijn die de termijnoverschrijding aan de onderneming ontoerekenbaar maken en verklaarde het verzet ongegrond. Hiermee is de zaak definitief afgesloten.
Uitkomst: Het College verklaart het verzet ongegrond vanwege toerekenbare termijnoverschrijding.