ECLI:NL:CBB:2025:56
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaarde beroepen tegen bijstelling SDE-subsidie 2021 en voorschot 2023
De ondernemer had beroep ingesteld tegen twee besluiten van de minister van Klimaat en Groene Groei: de bijstelling van de SDE-subsidie over 2021 met een correctiebedrag van € -5.832,22 en het voorschotbesluit voor 2023 waarbij het voorschot op € 0,- werd vastgesteld.
De ondernemer stelde dat de minister onvoldoende rekening had gehouden met zijn specifieke omstandigheden, waaronder een vast energiecontract en financiële problemen door het niet kunnen betalen van leasetermijnen voor zonnepanelen, en dat toepassing van de wettelijke bepalingen tot een onevenredige uitkomst leidde. Hij beriep zich op het zorgvuldigheids- en evenredigheidsbeginsel en betwistte de motivering van de besluiten.
Het College oordeelde dat de minister gebonden was aan de wettelijke bepalingen die de correctiebedragen voorschrijven en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een afwijking rechtvaardigden. De financiële nadelen kwamen voor rekening en risico van de ondernemer. De motivering van de besluiten was voldoende en er was geen sprake van schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Daarom verklaarde het College de beroepen ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. De minister hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De beroepen van de ondernemer tegen de bijstelling van de SDE-subsidie 2021 en het voorschot voor 2023 zijn ongegrond verklaard.