ECLI:NL:CBB:2025:93
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek herziening subsidievaststelling TVL Q1 2021 wegens ontbreken nieuw feit
De ondernemer verzocht de minister om herziening van het vaststellingsbesluit van de subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het eerste kwartaal van 2021, waarbij de minister aanvankelijk de SBI-code wijzigde en een VGD-opslag toepaste, maar deze opslag niet uitbetaalde omdat de vaststelling niet hoger mocht zijn dan het verleende subsidiebedrag.
De minister wees het herzieningsverzoek af omdat er geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden waren als bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Awb. De ondernemer stelde dat de subsidie inclusief de VGD-opslag moest worden vastgesteld en dat het onredelijk was dat de minister alleen terugkwam op besluiten waartegen beroep was ingesteld.
Het College oordeelde dat de minister terecht geen nieuw feit aannam, omdat de ondernemer geen beroep had ingesteld tegen het vaststellingsbesluit en rechtspraak geen nieuw feit vormt. Ook was er geen sprake van een evident onredelijke weigering tot herziening. Het beroep van de ondernemer werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de ondernemer tegen de afwijzing van het verzoek tot herziening van de subsidievaststelling wordt ongegrond verklaard.