Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 april 2026 op het hoger beroep van:
Maatschap [naam 1] , te [woonplaats] (de maatschap)
de maatschapende minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Procesverloop in hoger beroep
Grondslag van het geschil
Uitspraak van de rechtbank
Beoordeling van het geschil in hoger beroep
De maatschap betwist in hoger beroep de hoogte van de boete van € 22.587,- vanwege persoonlijke omstandigheden in 2021. De maatschap heeft toegelicht dat in januari 2021 een familieconflict is begonnen. De andere maat van de maatschap kon de situatie niet opvangen, omdat het een maatschap is tussen man en vrouw. Zij waren beiden onderdeel van het familieconflict. De mest is niet afgevoerd, omdat er gewoon niet aan is gedacht. Er kwamen maandelijks brieven van ouders en broer en advocaten met dreigementen en deadlines, waardoor de maten op een gegeven moment nergens anders meer aan konden denken. De mest had moeten worden afgevoerd en dat daar een boete tegenover staat is terecht, maar de hoogte van de boete is buiten proportie.