Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
[naam] , te [vestigingsplaats] (slachterij)
de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid)
Procesverloop in hoger beroep
Inleiding
Uitspraak van de rechtbank
Wettelijk kader
Beoordeling van het hoger beroep
Het eerste lid van artikel 2.5 van dit besluit is beperkt tot gevallen waarin hetzelfde voorschrift opnieuw wordt overtreden.” Hieruit volgt dat voor een verhoging van het boetebedrag wegens recidive niet van belang is of het bij de nieuwe en de eerdere overtreding om dezelfde feiten of feitelijke gedraging gaat, maar of hetzelfde voorschrift is overtreden. Dat aan dit laatste is voldaan, staat tussen partijen niet ter discussie.
Beslissing
- herroept het boetebesluit voor zover het de hoogte van de boete betreft en stelt de boete vast op € 3.200,-;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit;
- bevestigt de uitspraak van de rechtbank voor het overige;
- draagt de staatssecretaris op het in beroep betaalde griffierecht van € 360,- aan de slachterij te vergoeden;
- bepaalt dat de griffier van het College het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 548,- aan de slachterij terugbetaalt;
- veroordeelt de Staat (ministerie van Justitie en Veiligheid) in de proceskosten van de slachterij tot een bedrag van € 467,-.