ECLI:NL:CRVB:1988:AK8010
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.A.F. de Guasco
- P.A.W. Hermans
- H.J. Grendel
- Rechtspraak.nl
Gelijke behandeling in sociale zekerheid: discriminatie op grond van geslacht bij AAW-uitkering
Eiseres werd de toekenning van een uitkering op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) geweigerd omdat haar arbeidsongeschiktheid was ingetreden vóór 1 oktober 1975 en zij niet onafgebroken arbeidsongeschikt was sinds haar 17e jaar. De Raad van Beroep te Arnhem verklaarde het beroep ongegrond, waarna eiseres in hoger beroep ging bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad onderzocht of de weigering in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en internationale verdragsbepalingen, met name artikel 26 van Pro het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (BP-Verdrag), dat discriminatie op grond van geslacht verbiedt. De Raad concludeerde dat de nationale wetgeving die gehuwde vrouwen een strengere voorwaarde oplegt dan gehuwde mannen een directe discriminatie vormt zonder redelijke rechtvaardiging.
De Raad oordeelde dat artikel 26 BP Pro-Verdrag rechtstreekse werking heeft op het terrein van sociale zekerheid vanaf 1 januari 1980, de datum waarop de AAW-wetgeving met het verdrag in overeenstemming had moeten zijn gebracht. Daarom dienen de bepalingen die de ongelijke behandeling in stand houden buiten toepassing te worden gelaten. De bestreden beslissing en uitspraak werden vernietigd en gedaagde werd opgedragen een nieuwe beslissing te nemen die in overeenstemming is met het gelijkheidsbeginsel.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de afwijzing van de AAW-uitkering wegens discriminatie en beveelt een nieuwe beslissing met gelijke behandeling als mannen.