ECLI:NL:CRVB:1994:ZB5025
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek tot bevordering per 1 januari 1990 na functieruil binnen Defensie
Eiser, een militair binnen de infanterie, verzocht om bevordering per 1 januari 1990 naar een hogere rang in verband met een voorgestelde functieruil. Hoewel alle betrokkenen verwachtten dat de functieruil en daarmee de bevordering zouden plaatsvinden, werd het voorstel op hoger niveau niet overgenomen.
De Minister van Defensie wees het verzoek af omdat bevordering volgens het Algemeen Militair Ambtenarenreglement (AMAR) gekoppeld is aan de feitelijke toewijzing van een functie met een hogere rang. Eiser werd pas per 1 september 1990 bevorderd, toen hem daadwerkelijk een hogere functie werd toegewezen.
De Raad oordeelde dat het AMAR geen ruimte biedt voor bevordering zonder functietoewijzing, behalve in limitatief opgesomde uitzonderingsgevallen die hier niet van toepassing zijn. Het vermeende vertrouwen van eiser in de functieruil was niet gerechtvaardigd, mede omdat de bevoegdheid tot functietoewijzing exclusief bij de Directeur Personeel Koninklijke Landmacht lag.
Hoewel de informatievoorziening binnen de eenheid tekortschiet, is dit onvoldoende reden om af te wijken van de regelgeving. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees het verzoek tot bevordering per 1 januari 1990 af.
Uitkomst: Het verzoek tot bevordering per 1 januari 1990 wordt afgewezen en het bestreden besluit wordt bevestigd.