ECLI:NL:CRVB:1997:ZB7022
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G.L. Plomp
- A. Beuker-Tilstra
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en weigering heropening AAW/WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante was sinds 12 maart 1993 wegens rugklachten arbeidsongeschikt en ontving een uitkering krachtens de Ziektewet, gevolgd door een AAW/WAO-uitkering met ingang van 11 maart 1993. Deze uitkering werd per 4 mei 1993 ingetrokken omdat haar arbeidsongeschiktheidspercentage was gedaald tot minder dan 15%. Appellante hervatte op 4 mei 1993 passend geachte werkzaamheden bij haar werkgever, maar moest deze op 7 mei 1993 staken wegens rugklachten.
Gedaagde weigerde de uitkering per 7 mei 1993 te heropenen omdat geen nieuwe medische feiten waren vastgesteld die een hogere mate van arbeidsongeschiktheid rechtvaardigden. De rechtbank verklaarde de beroepen van appellante tegen deze besluiten ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde.
De Raad overwoog dat de medische grondslag van de intrekking correct was vastgesteld en dat de belastbaarheid van appellante in de voorgehouden functies passend was. Het standpunt dat appellante onjuist was gekeurd werd verworpen. De Raad achtte het voldoende dat de verzekeringsgeneeskundige zich baseerde op informatie van de Verzekeringsgeneeskundige Dienst van de werkgever, zonder eigen onderzoek.
Gelet op deze overwegingen bevestigde de Centrale Raad van Beroep de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De uitkering werd terecht ingetrokken en niet heropend.
Uitkomst: De intrekking van de AAW/WAO-uitkering per 4 mei 1993 en de weigering tot heropening per 7 mei 1993 worden bevestigd.