ECLI:NL:CRVB:1998:AN5799
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G.L. Plomp
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak inzake intrekking AAW/WAO-uitkering wegens onjuiste procedure
Appellant ontving aanvankelijk een AAW/WAO-uitkering van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid. Gedaagde trok deze uitkering per 1 oktober 1995 in omdat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze intrekking ongegrond. Appellant stelde dat de rechtbank ten onrechte geen geneeskundig onderzoek had gelast en het rapport van zijn vertrouwensarts niet had betrokken.
De Raad constateert dat de rechtbank het onderzoek niet heropende nadat nieuwe medische stukken waren ingediend, hetgeen in strijd is met de Awb-voorschriften. De Raad vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank. Omdat nader onderzoek niet noodzakelijk is en geen terugwijzing is verzocht, beoordeelt de Raad het bestreden besluit zelf en verklaart het beroep ongegrond.
De Raad bepaalt verder dat gedaagde het in hoger beroep betaalde griffierecht aan appellant moet vergoeden. De zaak betreft de juiste toepassing van procedurele regels bij heropening van het geding en de beoordeling van medische beperkingen in het kader van sociale zekerheidsuitkeringen.
Uitkomst: De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank wegens procedurele fouten maar verklaart het beroep ongegrond.