ECLI:NL:CRVB:1999:AA3966
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- A. Beuker-Tilstra
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag ambtenaar wegens tekortschieten in functioneren en weigering uitkering
Appellant werd op 1 april 1992 aangesteld als wachtmeester bij het korps rijkspolitie met een proeftijd tot 1 juli 1993. Op 28 juni 1993 werd hij ontslagen wegens onvoldoende bekwaamheid en geschiktheid. Dit ontslag werd door de rechtbank en later door de Raad bevestigd.
Appellant vroeg vervolgens een uitkering aan op grond van de Uitkeringsregeling 1966, maar deze werd afgewezen omdat het ontslag aan eigen schuld of toedoen werd toegeschreven. Het bezwaar tegen deze afwijzing werd ongegrond verklaard.
De Raad overweegt dat een uitkering in beginsel toekomt aan ambtenaren die eervol ontslagen zijn, maar dat dit niet geldt indien het ontslag aan eigen schuld te wijten is. De tekortkomingen van appellant, waaronder het nalaten van melding van strafbare feiten van een kennis en onrechtmatig gebruik van het opsporingssysteem, zijn voldoende onderbouwd en aan hem toe te rekenen. De Raad bevestigt daarom het bestreden besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslag en wijst het verzoek om uitkering af wegens eigen schuld van appellant.