ECLI:NL:CRVB:1999:AA8792
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- D.J. van der Vos
- Th.M. Schelfhout
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering buikhuidplastiek op grond van psychisch lijden
Appellante verzocht om vergoeding van een buikhuidplastiek via de ziekenfondsverzekering, welke door gedaagde werd geweigerd. De Commissie voor beroepszaken en de rechtbank verklaarden het beroep ongegrond. In hoger beroep stond centraal of appellante aanspraak had op de ingreep op grond van artikel 2, zesde lid, onder f, van het Besluit ziekenhuisverpleging ziekenfondsverzekering.
De Raad oordeelde dat psychisch lijden uitsluitend voor zover veroorzaakt door uiterlijke afwijkingen moet worden opgeheven en dat eerdere psychische klachten niet uitsluiten dat aanvullend psychisch lijden door de afwijking bestaat. De Raad concludeerde op basis van diverse rapportages dat appellante voldoet aan de voorwaarden voor vergoeding van de plastisch-chirurgische ingreep.
Het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank werden vernietigd. Gedaagde werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en tot het nemen van een nieuw besluit met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellante terugbetaald.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van vergoeding van de buikhuidplastiek wordt vernietigd en gedaagde wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.