ECLI:NL:CRVB:1999:AG8698
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- W.D.M. van Diepenbeek
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten korting en terugvordering arbeidsongeschiktheidsuitkeringen wegens onvoldoende motivering
Appellante ontving AAW- en WAO-uitkeringen die vanaf 1 maart 1991 werden gekort vanwege werkzaamheden in haar eigen groentewinkel. Gedaagde stelde de loonwaarde van haar werkzaamheden arbitrair vast op f 150,-- netto per week. Appellante betwistte dat zij werkzaamheden verrichtte en voerde aan dat haar aanwezigheid therapeutisch was.
De Raad oordeelde dat appellante niet heeft kunnen aantonen geheel geen werkzaamheden te hebben verricht, mede gelet op verklaringen en observaties van opsporingsambtenaren. De vaststelling van de loonwaarde door gedaagde werd echter onvoldoende gemotiveerd geacht, omdat de economische waarde van haar arbeid volgens de Raad moet worden gerelateerd aan haar aandeel in de winst van de winkel.
Daarom vernietigde de Raad de besluiten van 15 april en 15 mei 1998 wegens strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het hoger beroep tegen een overweging van de rechtbank werd niet-ontvankelijk verklaard. Gedaagde werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: De besluiten van 15 april en 15 mei 1998 tot korting en terugvordering van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen worden vernietigd wegens onvoldoende motivering.