ECLI:NL:CRVB:2000:AE8596
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- M.M. van der Kade
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking arbeidsongeschiktheidsuitkeringen wegens onvoldoende arbeidskundige grondslag
Appellante, voormalig bedrijfsleidster in een textielwinkel, kreeg op grond van de AAW en WAO arbeidsongeschiktheidsuitkeringen toegekend vanaf maart 1994. Deze uitkeringen werden bij besluit van mei 1994 ingetrokken met ingang van juni 1994, omdat zij toen minder dan de vereiste mate van arbeidsongeschiktheid zou hebben. Na hernieuwd onderzoek door verzekeringsgeneeskundigen en arbeidsdeskundigen heeft gedaagde het besluit genomen de uitkeringen per januari 1997 definitief in te trekken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt anders. De Raad stelt dat het bestreden besluit onvoldoende arbeidskundige grondslag heeft, met name omdat functies waarop appellante geacht wordt geschikt te zijn, niet aan de diploma-eisen voldoen. Appellante bezit niet het vereiste MAVO-diploma voor de functie verkooptelefoniste, en het volgen van drie HAVO-jaren wordt niet gelijkgesteld aan het MAVO-diploma.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep gegrond en veroordeelt gedaagde tot vergoeding van de proceskosten van appellante. Tevens dient gedaagde het door appellante betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen wordt vernietigd en gedaagde wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.