ECLI:NL:CRVB:2000:AJ9617
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Weigering bijzondere bijstand voor verhuiskosten vanuit Canada naar Nederland op grond van territorialiteitsbeginsel
Appellanten, een gezin dat na emigratie naar Canada terugkeerde naar Nederland, verzochten bijzondere bijstand voor de kosten van het verschepen van hun inboedel. De gemeente Zoetermeer wees deze aanvraag af, stellende dat de kosten buiten Nederland waren gemaakt en het territorialiteitsbeginsel van de Algemene bijstandswet (Abw) toepassing vond.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, primair omdat niet was gebleken dat de verscheping noodzakelijk was. Appellanten gingen in hoger beroep en voerden aan dat hun verhuizing noodzakelijk was vanwege betere toekomstmogelijkheden in Nederland en dat de wetenschappelijke bibliotheek van appellant als essentieel gereedschap moest worden beschouwd. Ook betwistten zij het oordeel over hun verantwoordelijkheidsbesef en wezen op de ex-tunc toetsing.
De Raad overwoog dat het territorialiteitsbeginsel volgens vaste rechtspraak uitsluit dat bijzondere bijstand wordt verleend voor kosten die buiten Nederland zijn gemaakt of niet aan Nederland zijn verbonden. De kosten van de verscheping waren in Canada ontstaan en waren het gevolg van het langdurig verblijf aldaar. Het feit dat appellanten inmiddels in Nederland woonden en de inboedel was verscheept, deed hieraan niet af. De overige gronden behoefden geen bespreking. De Raad bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van bijzondere bijstand voor verhuis- en verschepingskosten vanwege het territorialiteitsbeginsel.